herberg

 

GEEN PLAATS IN DE HERBERG

We zijn traditioneel gewend geraakt aan Bijbelvertalingen die in Lukas 2:7 weergeven, dat er 'voor hen geen plaats was in de herberg'. Niet alle vertalingen gaan daarin echter mee en dat is terecht. Zo is het in de NBV21 vertaald met 'gastenverblijf'. In mijn boek 'Jozef, zoon van David' toon ik uitgebreid aan, dat geen herberg, maar een gastenkamer van een woning is bedoeld. 

Door de geboorte zou de hele gastenkamer onrein worden. Daarom namen Jozef en Maria intrek in de opslagruimte beneden.

Voor de argumentatie en de betekenis van de woorden 'geen plaats voor hen' verwijs ik naar hoofdstuk 4 van het boek.